Admiraal Van Kinsbergen
1/1

Admiraal Van Kinsbergen

Ter gelegenheid van Admiraal Van Kinsbergen (1735 - 1819) zijn 200 ste sterfdag

Admiraal van Kinsbergen

Chers amis,

Het is op de kop af 200 jaar geleden dat ik, Admiraal Jan Hendrik van Kinsbergen, overleed: 24 mei 1819. Ik leefde in een tijd van grote veranderingen, net als u. Probeert u zich het leven over twee eeuwen voor te stellen… 
Sommige veranderingen die ik tot stand bracht, bleven een eeuw voordat ze werden vervangen. Dus visie had ik wel, maar wat ik nu zie: ik kan mijn ogen niet geloven. Gebouwen die hoger zijn dan kerken, automobielen en lichtgevende apparaatjes waarop iedereen de godganse-dag zit te kijken. Die zouden iets te maken hebben met communicatie, maar ik zie alleen mensen op straat tegen elkaar opbotsen omdat ze op dat ding zitten te kijken.

Het is mij niet vergund dat mijn getekende biografie van de persen liep dit voorjaar. Omdat mijn verhaal onbekend is… Zegt u zelf, welke verhalen moeten in druk verschijnen, die u al kent of die u nog niet kent? Maar ik ken mijn pappenheimers: dacht u dat het eenvoudig was om voor Michiel de Ruijter een standbeeld geplaatst te krijgen in Vlissingen? Dat standbeeld is gelukt maar niet bij mijn leven. Dat standbeeld is het eerste dat ik ben gaan bezichtigen toen ik in de gelegenheid was. Het waren immers zijn linie-gevechten die ik dag-in-dag-uit naspeelde in mijn kindertijd .

Ik hoopte op eeuwige roem. Het zijn 17 straten geworden en één brug. En een opleidingsschip van de Marine. En terecht, wil ik daar in alle bescheidenheid bij zeggen. De republiek was geen schim van zichzelf. De marine stelde nauwelijks wat voor. Ik schreef een handig boek voor de jonge zeeofficier en zorgde ervoor dat iedereen een opleiding kreeg. Een opleiding is het enige waar het werkelijk om draait. Daarom geef ik en passant graag antwoord op een aantal vragen van leerlingen die mij bereikten. 

Romeo wilde weten of ik iets te maken heb gehad met de trans-atlantische slavenhandel. Daar kan ik kort in zijn. Nee, dat was mijn broer.

En Halil was boos omdat ik tegen de Turken had gevochten. Beste Halil, de zeehelden van weleer spraken tot de verbeelding: men wilde graag een plaatje van óns hebben. In de krant stonden nog geen afbeeldingen en een zeeslag op de Noordzee werd gevolgd alsof het een interland was. En dat wás het ook. Ik denk even aan een krachtmeting met de oppermachtige Engelsen. In plaats van een Engels schip aan flarden te schieten, voer ik daar op de Doggersbank de linie dicht zoals ik dat in mijn kindertijd dagelijks oefende in de grachten van Elburg. Zodoende hebben we die overmacht aan Engelsen tegen weten te houden. Hoeveel prentjes er toen niet van mij gemaakt zijn! De zeeheld van toen is de voetballer van nu. Dus als jij snapt dat Van Persie en Dirk Kuyt voor Fenerbahçe hebben gevoetbald, dan is het niet gek dat ik in dienst ging bij Catharina de Grote. Gek mens was dat trouwens.

(Op)Getekend: Karel Kindermans

Ander werk uit dit project